|
Schiedam 1380
|
Liduina werd op 18 maart 1380 (Palmzondag) geboren. Toen zij twaalf jaar
oud was, raadde haar vader haar aan een huwelijksaanzoek niet af te
slaan (men trouwde jong in die tijd). Maar Liduina wilde niet en smeekte
de Heer om haar hart van alle lichamelijke liefde te reinigen om haar
leven geheel en al aan God op te dragen.
|
|
|
Val op het ijs
|
In de winter van 1395 werd haar gebed verhoord. Liduina kwam tijdens het
schaatsen ten val en brak een rib. Korte tijd later ontwikkelde zich ter
plaatse een abces dat maar niet wilde genezen. Dat was het begin van een
onvoorstelbaar lijden dat duurde tot haar dood in 1433.
|
|
|
Lijden
|
Aanvankelijk verzette Liduina zich tegen het lijden maar door steun en
begeleiding van de priester Jan Pot, kon ze het uiteindelijk aanvaarden.
Daarbij vond Liduina troost in de H. Communie en in het overdenken van
het lijden van de Heer. Gelegen op haar ziekbed troostte zij armen en
noodlijdenden en vroeg zelfs vermeerdering van lijden ter bekering van
zondaars en ter bevrijding van zielen uit het vagevuur.
|
|
|
Visioenen
|
Liduina beleefde visioenen en geestvervoeringen en in extase bezocht zij
samen met haar engelbewaarder Rome, het Heilig Land, hemel, hel en
vagevuur. Tijdens één van haar reizen naar het paradijs zag
zij een rozenstruik. Haar engelbewaarder gaf haar hiervan een tak en
deelde haar mee, dat ze niet zou sterven voordat alle rozen ontloken waren.
|
|
|
Sterven
|
Enkele maanden voor haar overlijden meende Liduina dat de rozenstruik tot
volle wasdom gekomen was. Wat ze hoopte kwam uit. Op dinsdag 14 april 1433
stierf Liduina nadat ze 38 jaar bedlegerig was geweest.
|
|
|
Begrafenis
|
Op 17 april 1433 werd Liduina op het kerkhof van de Sint-Janskerk in
Schiedam begraven. De kist werd niet in de aarde gezet en evenmin met
aarde bedekt; hij stond op balken die dwars over de bodem van het graf
lagen. Liduina had uitdrukkelijk verzocht haar stoffelijk overschot
niet met aarde in contact te brengen omdat zij zelf meer dan dertig
jaar geen voet op de grond had gezet.
|
|
|
Heiligverklaring
|
Op 14 maart 1890 werd de verering van Liduina door paus Leo XIII
bevestigd en goedgekeurd. De zgn. Confirmatio Cultus. Liduina is de
patrones van de zieken en beschermheilige van stad (Schiedam) en parochie.
|
|
|
Bedevaart
|
De jaarlijkse viering van het feest van de Heilige Liduina is op de
tweede zondag na Pasen. Bijzonderheden betreffende dit feest worden
ruim van te voren vermeld bij de
mededelingen.
|
|